nr. 2107

Het is nr. 2107 geworden: mr. Pic heeft mijn stempelkaart uitvoerig gecheckt; en uiteindelijk afgestempeld op cinglxe9 nr. 2107. Hij heeft me uitvoerig gefeliciteerd (‘bravo’) en gelijk de vraag voorgelegd of er volgend jaar wellicht een Galerien in mij schuilt?? Nou ik dacht ik het niet. Drie keer is oke, maar vier keer omhoog? dat is gekkenwerk!

Arjen.

24 June 2008
By on 18:40
Interessant materiaal over de Mont Ventoux op 27 mei 2008
Beste Vintoux-bedwingers en gexefnteresseerden,
Een paar dagen geleden stuurde Jan mij een linkje naar interessante filmpjes op Youtube, misschien hebben jullie die inmiddels allemaal gezien:
Hoewel het erop leek dat de filmpjes genomen waren op of rond de dag van onze barre tocht, wilde ik dit graag zeker weten.
Ik heb daarop een mailtje gestuurd naar degene die deze filmpjes had geplaatst, de heer Alex Vancauwenbergh, en gisteren kreeg ik hierop een reactie:
==========================================================================================================
Re: Mont Ventoux
Hallo Anno,

Wij zijn inderdaad de week van 24 tot 31 mei naar Bedoxefn getrokken om de Ventoux te gaan beklimmen. Het filmpje is gemaakt op dinsdag 27 mei boven op de top, na onze beklimming van de kale berg. Je kan ons avontuur nog eens bekijken op een inderhaast gemaakte site. Ga naar: http://wtc-hoekske-tienen.skynetblogs.be
en klik dan rechts trip Mont Ventoux aan. Dan kom je zo op onze blog ivm onze ervaring met de kale berg.

Groeten,

Alex. (jochim is mijn 5 jarig zoontje)

==========================================================================================================
Inderdaad dus, aan de hand van dit antwoord van Alex en het verslag op de site, kom ik tot de conclusie dat het filmpje om ongeveer 12.00 is gemaakt. Zij vertrokken om 09:30 vanuit Bedoin, de snelste deed 1 uur 50 over de beklimming en de langzaamste 2 uur 30.
Op zijn site staat een verslag van hun weekje en hxe9xe9xe9xe9xe9l veel foto’s.
Het blijft leuk om bewijzen te verzamelen van die gigantische orkaan op de top van de "kale berg" tijdens onze dag van de beklimming.
groet,
Anno

19 June 2008
By on 09:51
En toen ging het mis..

En toen ging het mis x85 Dinsdagochtend vroeg op. Wakker worden met donder, bliksem en regen. Een kleine domper, want ik haat fietsen in de regen. Na een uur klaart het op en gaan we op weg naar Bedoin. Na twee fotosessies gaat de strijd echt beginnen. Heerlijk rustig peddel ik achter iedereen aan. Ik laat expres een gat vallen om er zeker van te zijn dat ik op mijn eigen tempo omhoog rij. Eenzaam, maar met een mooi uitzicht ga ik mijn eigen (ongelijke) strijd aan met de berg. De berg gaat winnen, dat wist ik toen al. Zo sterk als de benen maandag aanvoelde, zo zwak voelde ze nu aan. En ik kan maar niet lekker in het ritme komen. Toen de echte klim begon, zat ik eindelijk in een lekker ritme, maar na 2 km sloeg mijn hart op hol. Gestopt, wat gegeten en gedronken en na een paar minuten weer verder. Helaas ging dit tot aan Chalet Reinard zo door. Toen ik Chalet Reinard zag ben ik meteen omgekeerd. Ik vond het wel genoeg zo. Het wilde niet en voor mij was het al een hele overwinning om de groene hel door te komen. En toen ging het mis x85 Vanwege het natte wegdek en de drukte op berg (veel fietsers kwamen inmiddels omhoog) kon ik niet snel afdalen. Bijna continu de remmen ingedrukt. Ik kom op een bocht aan en zie in de bocht een steentje liggen en stuur daar voorzichtig omheen. Op dat moment zie ook een auto in de bocht en verleg mijn blikveld. Toen was het al te laat. Mijn achterwiel neemt het steentje mee … ik ben de controle over de fiets kwijt x85 en ik smak tegen het asfalt. Gelukkig stond de auto stil, want die had mij nooit meer kunnen ontwijken. Na de val snel opgestaan en mijn fietst gepakt. Toen was er nog niks aan de hand. Maar nadat ik van de schrik was bekomen, voelde ik al dat het niet goed was. Ik kon mijn arm niet goed bewegen en had vreselijke pijn aan mijn schouder. Die is gebroken, was toen al mijn diagnose. De fiets tegen de boom en proberen Rene of een van de anderen te bereiken. Maar op de berg geen bereik, dus helaas. Dus voor de zekerheid maar een sms verstuurd. Daar sta je dan x85 je kunt geen Frans, je kan niemand bereiken en afdalen is al helemaal geen optie. Na een kwartier werd de pijn te hevig dat ik besloot om eerste de beste auto aan te houden. Gelukkig zat daar een aardige, engels sprekende fransman in. Een unicum zou ik zo zeggen. Die heeft mij met de fiets naar Bedoin gebracht. Daar is een ambulancepost die mij naar het ziekenhuis in Carpentras heeft gebracht. In het ziekenhuis zijn fotoxb4s gemaakt en inderdaad, mijn sleutelbeen was gebroken. Geen mooie breuk, maar xe9xe9n met splinters. De knappe zusters verzachte de pijn enigszins, maar het gebrek aan engels in het ziekenhuis maakte het een heel avontuur. Ach, dat moet je ook een keer meegemaakt hebben. Thuis ben toch maar even naar de huisarts gegaan met de fotoxb4s. Vanwege de botsplinters moet ik heel voorzichtig zijn en met rust moet het genezen. De schatting is dat ik minimaal zoxb4n 6 tot 8 weken complete rust moet houden. Daarna zien we verder x85 Ondanks het vervelende einde heb ik toch een geweldige fietsvakantie gehad. Ik heb veel gelachen, ik heb genoten van het uitzicht en heb achteraf genoten van het afzien. Weer een grens verlegd. Ik wil iedereen bedanken en in speciaal Jan voor de goede organisatie en Rene voor de goede zorgen en kookkunsten. Robert

2 June 2008
By on 08:17
Het avontuur gerelativeerd

Zoals ik begon aan het Vintoux-avontuur wil ik ook graag eindigen. Met een x91down to earth stukjex92. Uiteindelijk is het driemaal opfietsen van een berg natuurlijk niet veel meer dan gewoon beginnen met klimmen en doorgaan totdat je weer naar beneden moet omdat je niet hoger kan. En wat dat betreft lijkt het net op het gewone leven. Soms zit het mee, want soms heb je in de beklimming even een gemakkelijk stukje (al moet ik toegeven dat dat vanaf Bedoin nauwelijks voorkomt), en soms zit het tegen, zoals je in de afdaling naar Sault plotseling bemerkt dat er om in het dorp te komen toch nog even flink geklommen moet worden.

Inmiddels is ons avontuur weer ietwat bezonken. De helse taferelen op de top van de Mont Ventoux zijn teruggebracht tot een behoorlijk briesje. Jan en Joop bezinnen zich al weer op x91echtex92 uitdagingen zoals bijvoorbeeld de x93Marmottex94. Anderen stellen zich wanhopig de vraag waarom ze toch niet even dat laatste stukje van de derde beklimming hebben afgerond. Want hoe je het ook wendt of keert, ook voor mij geldt dat ik het op twee kilometer van de derde top onverklaarbaar heb laten liggen. Een misverstand, maar dat maakt wel net het verschil. En ook al heb ik die twee kilometer door mijn geslinger (om de steilste stukken wat minder steil te maken, tenslotte ben ik pas een beginnend klimmer) vermoedelijk meer dan gecorrigeerd, ze tellen natuurlijk niet.

Afijn, ik had in mijn motivatie op de x93right to playx94-website opgemerkt:

x93Mijn uitdaging is het om ook nu in ieder geval xe9xe9n keer omhoog te komen.
Mijn motivatie ligt in het bereiken van meer dan eigenlijk mogelijk is.x94

Ik mag dus gewoon helemaal niet klagen. Integendeel, bij deze wil ik alle jongens die ons avontuur mogelijk maakten hartelijk danken voor een fantastische ervaring. Dick, omdat hij mij zover kreeg dat ik het misschien wel zou kunnen, Renxe9 en Arjen voor de steun tijdens de beklimmingen, Jan en Joop voor hun belangrijk aandeel in de organisatie en alle anderen gewoon voor hun aanwezigheid. Robert, mijn slapie, veel beterschap, en jammer dat je die fantastische afdaling niet hebt kunnen afmaken. Laterx85..?

Anno

1 June 2008
By on 23:17
Zijn we allemaal Malloten?
Hieronder kun je het verslag lezen dat ik aan de leden van mijn fietsclub heb gestuurd, wellicht ook leuk om op ons weblog geplaatst te hebben.
Zijn we allemaal malloten?

Het is maar net hoe je het bekijkt
Arjen Schultinga (overigens familie van Henk Schultinga, xe9xe9n van onze sponsoren) is de enige die rechtmatig kan worden toegelaten tot het officixeble Gilde der Malloten van de Mont Ventoux (Le Club de Cinglxe9s du Mont Ventoux) van mr. Pic.
De anderen hebben in de korte fietsweek ook knotsgekke dingen gedaan waarvan je je achteraf kunt afvragen of daarbij het verstand hoogtij vierde. Malloten dus?
En ik zelf? Ben ik een Malloot? Volgens de normen van sommigen zeker wel. Volgens het Gilde van Monsieur Pic niet.
Maar dat maakt me nu niet zo veel uit, aan mijn pogingen zaten gaan weddenschappen vast en wat dan nog.
Hoe gek moet je zijn om op maandag 26 mei ‘met de besten mee’ omhoog te klimmen met in je achterhoofd het idee dat je dat een dag later nog drie keer mag gaan proberen?
Het heeft me in ieder geval opgeleverd dat ik binnen 24 uur drie maal de top van de Mont Ventoux heb bereikt en drie maal het Observatoire heb aangeraakt en dat ook nog via de zware kanten (2 x  vanuit Bedoin en 1 x vanuit Malaucene). Volgens het gilde van mr. Pic telt dat allemaal niet, maar mijn gezond verstand weet gelukkig beter.
En eigenlijk heb ik de hele week wel lekker getraind:
-zaterdag 80 km, 800 hm door mooi licht glooiend terrein
-zondag 90 km, 1000 hm, vrij vlak door de Gorges de la Nesque en een mooie lange slotklim over de col de N.D. de Abeilles
maandag 70 km, 1750 hm, xe9xe9n maal de beklimming van de Mont Ventoux via de route forestixe8re, vanuit Bedoin
dinsdag 90 km, 3336 hm, met twee maal de beklimming van de Mont Ventoux, eenmaal vanuit Bedoin, eenmaald vanuit Malaucene.
Er zijn weken dat ik minder hoogtemeters maak.
In dit verslag wil ik mijn persoonlijk relaas geven van die memorabele dinsdag 27 mei 2008. De dag waarop ik, als xe9xe9n van de malloten van de VROM Insepctie Noord, het waagde om ‘s morgens de uitdaging aan te gaan.
De dag ervoor viel me de klim vanuit Bedoin naar de top heel erg mee. Ik vroeg me af of ik last zou hebben van de klim van de dag ervoor. In de aanloop dacht ik van wel, mijn maag speelde wat op en ik voelde de vermoeidheid in mijn benen branden. Ik nam me voor de eerste klim erg rustig van start te gaan. In het bos, het beroemde bos, voelde ik meteen dat de benen goed waren, heerlijk klimmen eigenlijk. En ik ervaarde het als een voordeel dat ik de dag ervoor hier ook had geklommen. Ik herkende herkenningspunten dacht "oh ja, dan komt straks die moeilijke passage en hier kan ik wat drinken". Dat soort details maken het nog wat beter om de klim in te delen.Ik reed in het groepje Dick, Guido en Arend op mijn gemak mee, beetje praten, beetje eten en drinken, soms wat ervoor soms wat er achter, maar nooit in de problemen. In het laatste stukje naar Chalet Reynard versnelde ik zelfs wat om even te kijken hoe de benen dit zouden verdragen, wetend dat Renxe9 daar ergens, 2 of 3 kilometer verder met koffie wachtte. En daar stond ie al, in de laatste bocht voor het laatste rechte eind naar het Chalet. Een mooi plekje.
Na de pauze voorbij het Chalet Reynard blies de wind mij verder naar de top. De wind was anders dan gisteren, meer van opzij. Ik kreeg iets van hoop dat de wind ook wat minder was geworden, maar in de laatste bocht naar de top raasde hij over het smalle plateautje en zorgde ervoor dat ik snel uit de pedalen moest klikken anders was ik op zeker gevallen. De stempel gehaald en de gevaarlijke afdaling naar Malaucene ingezet. Eerst nog lopend, omdat ik echt van de weg werd geblazen. Na de top, zo’n 50 meter lager ging het fietsen weer wat. Maar de hele afdaling, op een deels nog natte weg, bleef het uitkijken met valwinden die mij verrasten. Op het terras van Malaucene hoorden we het nieuws dat Robert Tebbens in de afdaling naar Bedoin (hij had Chalet Reynard weten te bereiken, de klasbak!) over een steentje was gevallen en iets in zijn arm had gebroken. Een domper, even de twijfel, stoppen of doorgaan, maar de groep besloot: we gaan door. Joop Aardema deelde mee dat hij stopte en ook uit koers was. Met 7 gekken zijn we door gegaan. Weer omhoog, vanuit Malaucene naar de top. Onderweg, bij de camping Municipal een bord pasta weg gewerkt van rots in de branding Rene Guchelaar, die daarna koers zette naar het ziekenhuis om Robert Tebbens op te halen en te helpen.
Ook de klim vanuit Malaucene voelde gewoon heel goed, bij het stilstaan en het eten voelde ik mijn maag weer wat, maar onder het fietsen en het klimmen nam de pijn gelukkig af. De groep reed iets voor me en in een heerlijke cadans kon ik goed blijven draaien. Af en toe was ik wat onzeker over mijn pedalen en probeerde ik er steeds uit te komen, om dat al vast even te testen mocht de wind toch weer ongenadig toeslaan. De zon was er inmiddels goed door gekomen en dan is het daar ook meteen warm: 30 graden.
Het leek allemaal wat vriendelijker te worden en opgelucht klom ik verder. Ik hoefde nergens echt moeite te doen, ook niet bij steile passages, soms stond ik even, puur voor de afwisseling. De wind die hier waaide besloot ik te zien als een kameraad en ik beeldde me in hoe ik een verbond sloot met de wind, de wind van de Ventoux. Hij bracht me verkoeling en zorgde dat ik wakker en bij de les bleef. Elke keer als er een vlaag kwam rechtte ik mijn rug om zo veel mogelijk van de verfrissende werking mee te krijgen. Het tweede deel van de klim voelde ik me geborgen in de groep en met Guido van der Meij bepaalde ik het tempo. Bij een aanwakkerende wind werd ik onzekerder. Nog even proberen om uit de pedalen te klikken, lukt dat nog? Even verder stond een grote vrachtwagen-combinaite geschaard over de weg. Later hoorde ik dat de wind de auto had gegrepen. De chauffeur kon er niets meer aan houden.
Na het ski-oord Mont Serein dacht ik een straaljager te horen overkomen. Toen we wat hoger kwamen bleek het jankende geluid afkomstig van l’ Observatoire dat ver boven me fier op de top van de Ventoux stond. De wind speelde er mee, probeerde vat te krijgen op het stuk staal. Weer even controleren of ik uit de pedalen kon komen….dat deed ik nu om de paar honderd meter. De wind joeg inmiddels om ons heen en het verbond dat ik met de wind had gesloten werd eenzijdig door haar verbroken. Vanaf nu stond ik er helemaal alleen voor. Met Guido sprak ik af om een kilometer onder de top een inham op te zoeken om daar in de luwte ons plan te bepalen en de jasjes aan te trekken. toen we een schuilplekje vonden en onze gele jasjes aantrokken besloten we verder omhoog te klimmen, maar nu links van de weg, zo ver mogelijk van het ravijn en zo veel mogelijk uit de wind. In xe9xe9n van de laatste haarspeldbochten onder de top kwam ons een touringcarbus vol toeristen tegemoet. En wij waren blijkbaar de attractie, want de camera’s flitsten en de chauffeur wachtte geduldig tot we waren gepasseerd. Even later liep ik weer een stukje omdat ik dacht dat fietsen onmogelijk was, toch maar weer een stukje verder fietsen, tot de volgende bocht, daar weer hetzelfde. Zo ging het door tot het laatste bochtje naar de top. Hier raasde wind echt als een dolle en verder fietsen was onmogelijk. Ik beleefde angsitge en eenzame momenten tijdens dit stuk. Lopen dus en even verderop schuifelend, half kruipend, met de fiets zo schuin mogelijk en een been er half overheen en mijn bovenlijf helemaal over de ligbuis. Zo bereikte ik de top.
Ik dacht bij mezelf: Wat is dit? Is dit nog fietsen? Heb ik hiervoor dik 5000 km getraind? Ik beschouw mezelf inmiddels als een wielrenner (want de benen geschoren) en een wielrenner ervaart het als een afgang ergens te moeten lopen, zeker tijdens een klim. Ik vond dat waar ik daar mee bezig was niets meer met fietsen had te maken. Dit was bergwandelen met handicap: een moelijk te temmen fiets die een speelbal was van de wind. Dat wilde ik niet nog een keer doen.
Boven zag ik dan dat busje uit Beverwijk en mijn besluit stond vast: ik stapte uit koers (Jan Bos, abandon). Natuurlijk kon ik meerijden naar het dal en er was wel plek voor de fiets.
De twee moeilijkste klimmen heb ik gedaan en fysiek ben ik nergens in de problemen geweest: ik kon dit aan en met nog wat weken voor de boeg ben ik dus ook klaar voor de Marmotte. Eindelijk beneden dronk ik mijn eerste biertje van deze vakantie (!) op een terras. Hier ontspande ik wat en ik wachtte verder, met bier en een lekkere salade op Robert en Joop die me zouden komen ophalen. Zo eindigde mijn bizar avontuur in een knotsgekke fietsweek. Niet echt leuk om mee te maken, maar over een tijdje zijn de scherpe randjes eraf gewaaid en dan kijk ik er hopelijk positiever tegenaan. Binnenkort verschijnen op het weblog (www.letourdevintoux.web-log.nl) nog wel wat foto’s en als het goed is ook een spectaculair filmpje van de afdaling vanaf de top van de kale berg. Mensen die mij en/of Right To Play hebben gesteund bedank ik hartelijk voor de support!
Bedankt!
Jan

30 May 2008
By on 13:37
Wind, storm, orkaan, Ventoux

Het is niet gelukt en toch is het gelukt. Gelukkig geen echte malloot maar helaas geen Cinglxe9. Het verstand heeft gewonnen, als groep zijn we begonnen en als groep zijn we teruggekeerd. Ik had er niet aan moeten denken om het alleen te moeten doen. Ook tijdens een reguliere vakantie ga je zoiets niet beginnen.

In de eerste klim goed letten op de hartslag, een ritme vinden en het juiste verzet vinden. Renxe9 heeft als een volwaardige soigneur ons goed in de gaten gehouden en ons op een mooie plek van een natje en droogje kunnen voorzien. Het bos lag achter ons en het ‘maanlandschap’ lag klaar om aan te vallen. Dat ging lekker, even weer wat rondkijken en iets minder steil. Soms zelfs met een lekker windje in de rug. De laatste bocht ruim aangesneden………en flop in de storm. Stuur goed vast en stampen. Fietsend boven! Op de top weer die Renxe9. Nadat ik mijn fiets persoonlijk in zijn handen had gedrukt ben ik gaan stempelen. Naar beneden wilde bijna niet. De eerste meters was het hangen en wurgen. Na de eerste bocht kon ik weer aan fietsen denken. Een mooie brede weg lekker afdalen naar Maulaucene. Hier de koffie en het sleutelbeennieuws (sterkt Robert, zo’n breuk is wel een echte fietserskwetsuur!). Ook Joop stelde zijn fietsplannen bij. Met zeven man (een groepje van twee en vijf) weer begonnen aan de klim. Eerst een warme hap uit de keuken van Renxe9 (met hark en schop) en vol (goede moed) weer omhoog. Wat een lange klim! In een pauze maar eens een gelletje leeggeknepen, als het een keer moet dan is het nu wel. Ook Dick dacht er zo over. De fiets begon wel steeds meer te plakken door het gemors van energiedrank, plakkende gel en mueslirepen. De wind begon aan deze kant eerder aan ons te schorren. In sommige bochten was het echt even aanpoten en werden we in feite al gewaarschuwd voor wat ons te wachten stond aan de top. In een korte pauze hebben we ons verzameld en wat moed uitgewisseld. Daarna ieder voor zich maar elkaar coachend de top bereikt. Niet fietsend, maar, ja hoe dan wel. Was het lopen? Zo loop ik niet elke dag. Was het kruipen? Dat ook weer niet. Het was de Ventoux-shuffle. Buik op het zadel, handen in de beugel en vingers om de remmen. Na het stempelen weer verder shuffelen tot na de eerste bocht. Jan had het toen wel bekeken. Dit is geen fietsen meer! De overige vier gingen voorzichtig door. Zittend op het zadel, benen los en rustig rollend naar beneden. Na een stop bij het Chalet ging het richiting Sault en weer terug. Dat is bijna een kadootje, bijna geen wind en een rustige stijging. Toch was het mooi geweest. Hier werden we ook weer samengevoegd met Anno en Arjen. Ook Renxe9 was inmiddels weer in de race. Hij had zijn diensten al ruimschoots bewezen voor Robert maar was ons nog niet vergeten. We kozen ervoor de Ventoux niet langer te tarten. Als beloning kregen we een afdaling om nooit meer te vergeten. Heerlijk met ruim 65 km (max 74) naar beneden. Net motorrijden maar dan stiller.

Wat is het voor een idee zo’n trip met fietsende collega’s op ruim 1200 kilometer van huis? Dat is een mallotig idee! Maar wel een om door te zettten, anders kom je niet tot dit soort prestaties. Ook weet je dan geen mensen te boeien en komt er geen geld los voor het goede doel. Right to Play: Look after yourself, look after one another. Kijk, en dat is wat we hebben gedaan.

Guido


By on 11:24
une journxe9e memorable

Mr. Pic,

U had ons ook gewaarschuwd: "Le Ventoux n’a jamais fait de cadeaux xe0 personne". De Ventoux geeft geen cadeautjes weg. Je mag wel zeggen dat ‘Hij’ er alles aan gedaan heeft om ons te beletten om vanuit de antichambre toe te treden tot het Gilde der Malloten. Bij vertrek ‘s morgens vielen de hagelstenen nog uit de lucht, sloeg de bliksem regelmatig in, en werd de Ventoux  omgeven door zwarte luchten. Ik dacht: waar zijn we aan begonnen? Toch knapte het weer voorzichtig aan op, een kleine tegemoetkoming? of was het eerder een valstrik? We werden de berg opgeblazen, konden de top met moeite ronden, en konden toen eigenlijk niet meer terug. Maar we moesten wel, om het stempelkaartje vol te krijgen, moesten we. Achteraf vraag je je af hoe verstandig het is geweest, maar de grens tussen verstand en onverstand is dun. Dus gingen we weer omhoog, in de wetenschap dat we opgewacht zouden worden door die wind, die vreselijke wind. Die wind die er voor zorgde dat ik van de fiets af moest; trouwens pas bij de laatste bocht voor de top (dat viel me mee), maar toen was het ook echt raak. Ik kwam schuifelend, hangend op mijn fiets, stapje voor stapje hoger. Bij de souvenirwinkel (gelukkig hij was open!) durfde ik mijn fiets niet neer te zetten. Hij was zeker van de berg geblazen. Een vriendelijke mevrouw heeft hem voor mij vastgehouden, en ik kon mijn stempeltje halen. Met de fiets lopend weer naar beneden; dat was het moment waarop Le Ventoux toesloeg. In de rug nog wel! Ik werd naar voren geblazen, mijn fiets wapperde in de lucht (ja echt, hij wapperde als een vlaggetje!) ik werd mee getrokken, ik kon nog net naar een ijzeren hek grijpen om mij vast te houden, en mij op de grond te gooien. Daar lag ik met mijn fiets boven op me, bloed aan xe9xe9n been (de tandwielen waren in mijn been geslagen) en ik zag een paar meter beneden me een muurtje met daarachter een diepe afgrond. Wat kon ik doen? ik moest verder, uiteindelijk opgestaan, schuin steunend tegen het muurtje en op mijn fiets hangend naar beneden gekropen. De eerste honderden meters gelopen, wat gepeddeld op de fiets, om uiteindelijk de lange, lange afdaling naar Sault te pakken.

In Sault gewacht op Anno; gelukkig hij was er ook over gekomen. Na broodjes, cola en water, weer terug naar de top. Rom, Arend, Guido en Dick kwamen we tegen, ook zij waren nog in de strijd, wat een karakter! Inmiddels was het al laat, ik had gehoopt dat de wind wat zou gaan liggen. Bij Chalet Reinard leek dat ook zo. Samen met Anno – na de zo nodige verzorging van Renxe9 ontvangen te hebben, vertrokken voor het laatste stuk. Het was inmiddels 18.00 uur. Ik was al 10 uur op pad. De berg was verder leeg, geen auto’s meer, geen motoren, geen fietsers, alleen maar zo’n 6 kilometer en 600 hoogtemeters verder, die top…. en die wind. Ik voelde hem, hij drukte me naar boven, zo van….ik kan niet wachten tot je boven bent. En ik was zo boven, voor de derde keer die dag (de vierde keer in twee dagen). Het was een bijzonder moment, helemaal alleen….niemand meer te bekennen. Alleen ik en die berg. Ik was vanuit de antichambre toegetreden tot de club des cingles; de rillingen liepen over mijn rug; van de inspanning, de emotie en de koude wind… Weer voorzichtig langs het muurtje.. (die techniek krijg je snel onder de knie) terug, lopend, steppend, en uiteindelijk weer bij de rest van de groep in Chalet Reinard.

De beloning was een fantastische afdaling naar Bedoin. Om 19.30 klokte ik op de streep in Bedoin. Precies 11 uur onder weg geweest voor de Cingles (totale tijd 12 uur, waarvan iets meer dan 8 uur netto fietstijd; 160 kilometer en 4443 hoogtemeters; bijna 20 km/uur gemiddeld).

Mr. Pic, het was een journxe9e memorable, eentje om nooit meer te vergeten.

Arjen.

29 May 2008
By on 21:04
De stormachtige berg

Wow, nu is het in xe9xe9n klap duidelijk waarom de Ventoux ook wel de Col des Tempxeates genoemd wordt. Ik heb zelf nog nooit zoveel wind meegemaakt … en dan ook nog op de fiets proberen te zitten of hangen of liggen.

Natuurlijk hadden we het filmpje van Renxe9 en Robert gezien en de verhalen van Joop, Jan en Arjen gehoord (die ‘m ‘s maandags al een keer hadden beklommen), maar je blijft je toch afvragen hoe erg het kan zijn … Nou, heel erg dus! De eerste klim had ik wel door dat het hard waaide, maar toen hadden we de wind vooral (schuin) in de rug. Maar toen ik de laatste haarspeldbocht opdraaide om nog 50 meter te fietsen toen snapte ik pas dat het onwaarschijnlijk hard waaide. Exe9n windvlaag kreeg vat op de platte spaken en de veel te brede carbon voorvork van mijn fiets, tilde de voorkant van mijn fiets gewoon een centimeter op en veranderde mijn koers zo’n negentig graden. Ik kon ternauwernood op de been blijven en voorkomen dat ik niet richting muurtje en een val van vier meter ging. Vervolgens gestempeld bij de kiosk en toen half zittend op het frame alsof je op een loopfiets zat de eerste paar honderd meter heel voorzichtig naar beneden. Daarna op het zadel maar nog steeds voorzichtig, vanwege de windvlagen en de platte spaken, omlaag naar Malaucene gefietst. Na een goede verzorging door Renxe9 met prima pasta (gelukkig wat anders dan al die zoete drankjes en gelletjes die je op zo’n dag verorbert) weer omhoog naar de top. Nu kunnen we dus ook meepraten in de discussie over welke klim zwaarder is, Malaucene of Bedoin. Het oordeel is wat mij betreft niet zo duidelijk en wellicht vertroebeld doordat je eerst de klim van Bedoin in de benen hebt en daarna vanuit Malaucene omhoog moet, maar voor mijn gevoel was de klim vanuit Malaucene zwaarder. Misschien moet ik het nog eens een keer in een andere volgorde proberen. De laatste kilometer van de klim vanuit Malaucene begon het weer zo te spoken dat we (Guido, Arend, Rom, Jan en ik, zei de gek) 500 m. voor de top in luwte van een inham in de berg even een tactiek bespraken over hoe de elementen te trotseren. Eerst maar in de luwte van de berg proberen te blijven fietsen (aan de verkeerde kant van de weg), per slot van rekening waren niet over het hoofd te zien met onze knalgele jasjes om daarna de laatste haarspeld door te draaien en te zien hoe ver het fietsen zou gaan … laatste honderd meter hebben we toen moeten lopen (fiets schuin op de weg, zo laag mogelijk, handen onderin de beugels van het stuur en buik of heup op het zadel en dan als een slak schuifelend omhoog … de Ventoux-shuffle) omdat je gewoon niet meer in het zadel kon blijven zitten vanwege de wind. Van een terreinauto werd nog de pvc-kap van het reservewiel (achterop de auto) afgerukt en door de wind 30 m. verderop neergekwakt. Auto’s die bovenop de berg stonden, stonden gewoon te dansen op het ritme van de wind. Maar toch had ik niet het idee dat ikzelf ook door de lucht had kunnen vliegen … is ook niet gebeurd gelukkig. Vervolgens even boven gestopt, de situatie opgenomen en dan weer 100/200 m. naar beneden lopen om dan zittend op het frame voorzichtig te gaan rollen en uiteindelijk weer gewoon te gaan fietsen. Nou ja gewoon, 7% afdaling en dan door de wind niet harder dan 22 km/u gaan is wel apart. Tot slot afgedaald naar Sault (deels slechter wegdek dan de andere beklimmingen), daar een panini gegeten en omgedraaid en de laatste klim (beduidend gemakkelijker dan de andere twee) naar Chalet Reynard aanvaard … kortom, al het denkbare asfalt van de Mont Ventoux hebben we op xe9xe9n dag onder de wielen door laten gaan. Gelet op de weersomstandigheden denk ik dat je jezelf dan malloot mag noemen  … ben ik best wel een beetje trots op. Een fantastische ervaring die ik niet graag zou missen, waarbij de beschutting en steun van de groep veel betekent. Op elkaar wachten, elkaar moed inspreken, tips geven (over het met de fiets aan de hand tegen de storm in omhoog worstelen). Een domper was natuurlijk wel de val van Robert the Eagle, die hoewel hij niet te hard reed maar als gevolg van een plotseling opgemerkte auto een steen op de weg niet meer kon vermijden, zijn sleutelbeen brak en met hulp van een Fransman naar een hulppost kon worden gebracht. Gelukkig had Robert zijn helm op … de helm mist nu een zodanige hap, dat je er niet aan moet denken wat er had kunnen gebeuren als hij die helm niet op had. Zelf heb ik nu ook al twee keer de bescherming van een helm mogen ervaren. En toch hebben wij in de afdaling tig fietsers gezien met kennelijk een heel harde kop, ingebouwde helm of lijdend aan een grove vorm van zelfoverschatting van het eigen stuurvermogen … je snapt het niet; ga naar de winkel en koop een goede helm, werkt gegarandeert beter dan een harde kop!!!! Hoe dan ook, Robert, beterschap!!! En Renxe9 bedankt voor de prima verzorging!!! En natuurlijk niet te vergeten ook Jan, de voornaamste organisator van deze reis, bedankt voor de tijd en energie die je in deze expeditie heb gestopt!!!

Dick


By on 13:27
Van Malloot tot Marmotte

"N’est pas fou qui monte au Ventoux, mais est bien fou qui y retourne."

Geen cinglxe9. Arjen is de enige. Ik heb wel weer wat geleerd, ook handig in de voorbereiding op de Marmotte. Met de twee zwaarste beklimmingen op 1 dag op zak en een klim op de dag ervoor kom ik op drie beklimmingen van de Mont Ventoux. Daar ben ik trots op, vooral op de manier waarop ik tegenwoordig klim en zeker onder de omstandigheden waaronder ik het moest zien te rooien. Klasse Jan goed gedaan!


By on 12:54
Ervaring rijker, illusie armer?

Op xe9xe9n dag drie keer de Mont Ventoux op om zo toegelaten te worden tot het "gilde der malloten". Je moet toch wat hebben bereikt in het leven? Met zijn allen zijn we gedreven aan de uitdaging begonnen. Sommigen begonnen in december al hun eerste traningsritjes (Joop en Jan) om niets aan het toeval over te laten. Een ander (Arjen) teert op een intensief sportverleden. En weer anderen doen het op hun eigen manier om goed voor de dag te komen. En dan is het zover. Vrijdag 23 mei vol goede moed afgereisd naar Mazan, waar we na een voorspoedige reis onze intrek nemen in een prachtig huis. Dick, goed uitgezocht! Na de auto’s uitgeladen te hebben al meteen een eerste trainingsrit. Wat een ritje zou worden (even de benen losijden), werd een forse omloop van ruim 80 km. Pijn is genot, schrijft Jan Siebelink. En voor ons als fietsers gaat dat zeker op! De tweede dag -de zondag- zou een makkie moeten worden. Het weer denkt daar duidelijk anders over. In de regen toch nog een mooie tocht door de gorges en een lekkere panini in Sault (geserveerd door jonge dame in blote buik). Voor Arend genoeg gesprekstof voor de terugreis…..En dan de maandag. Onweer en harde wind laten het niet toe om de geplande tocht uit te voeren. Balen dus, maar gelukkig kunnen we nog uitwijken naar de dinsdag. En het weerbericht belooft beter weer. Arjen, Joop en Jan wagen toch een ritje omhoog vanuit Bedoin en komen met goede moraal terug. De achterblijvers kiezen voor een kleine verkenning door vanuit Bedoin een paar kilometers omhoog te fietsen. De avond wordt gebruikt om de fietsen optimaal te prepareren en Dick blijkt daarbij over ongekende talenten te beschikken. Klasse Dick! En dan vroeg naar bed en wachten op de dag van morgen….. En die begon met onweer. Het geplande vertrek met een uur uitgesteld om tegen een uur of 9 te vertrekken. Met zicht op de Mont Ventoux met zijn allen richting Bedoin. De spanning neemt toe. Bij het begin van Bedoin nog een groepsfoto, de blaas nog een keer geleegd en de eerste stempel gehaald bij de plaatselijke Cycle Trend. En toen…..het vertrek voor de eerste beklimming. Een groot peleton rijdt gezamenlijk omhoog. De snelle mannen -Arjen, Joop en Arno (wie had dat gedacht?)- voorop. Rom sluit op enige afstand de rij. Robert gaat zijn eigen gevecht aan met de berg. Onze steun en toeverlaat Rene (wat moeten wij zonder jou beginnen) staat met "koek en zopie" ons op te wachten bij Chalet Reynart (door Arend consequent aangeduid als Chateau Reynart) voor de eerste bevoorrading. En dan het laatste stuk van de kale berg. En op dat moment is niet alleen het gevecht met de stijgingspercentages aan de gang, maar begint ook de strijd met de wind. En wat voor wind. De laatste bocht kruip je omhoog. Zwaar leunend op je fiets in de hoop hem heelhuids over de top te krijgen. Gelukkig heb ik dit keer voordeel van mijn gewicht. Na een stempel en bemoedigende woorden  de afdeling ingezet naar Mauluscene. Eerst voorzichtig lopend, daarna  toch maar op de fiets om vervolgens in vliegende vaart naar beneden te suisen. Aangekomen in Maluscene eerst maar even koffie. Daar horen we ook dat Robert ongelukkig is gevallen en zijn sleutelbeen heeft gebroken. De sfeer is meteen anders en je beseft met elkaar dat een ongeluk inderdaad in een klein hoekje zit. De planning wordt aangepast (Rene ontfermt zich over Robert) en Joop besluit om niet voor een tweede keer omhoog te fietsen. Enorm jammer, maar het besluit van Joop wordt volop gerespecteerd.

De klim vanuit Mauluscene is zwaar…..erg zwaar. Met zijn vijfen (Guido, Dick, Arend, Jan en Rom) stampen we naar boven. Vlak onder de top weer hetzelfde ritueel. En het lijkt of de wind nog harder is gaan waaien. Maar gelukkig het is gelukt en we kunnen beginnen met de tweede afdeling. Op naar Sault. Jan wil niet verder en vindt een busje dat het weer naar beneden brengt. Ook zonde, want Jan heeft er ook enorm hard voor getraind.

De afdeling naar Sault gaat relaxt en we komen weer een beetje op adem. In Sault aangekomen treffen we Arjen en Arno die zich gaan opmaken voor de laatste beklimming. Arend wil eerst weer een panini eten……bij de jonge dame wiens buik vandaag nog bloter is. Arend krijgt weer moraal en praatjes!

En dan begint ook voor ons de slotklim. We weten dat de klim vanuit Sault de lichtste is en dat klopt ook. Maar aan de andere kant beginnen de kilometers en de vele uren op het smalle zadel (gelukkig heeft Dick broekvet) te tellen. Maar Guido leidt ons in een lekker tempo opnieuw naar het Chalet Reynart. Het is inmiddels 19.00 uur. Bij het chalet komen we Arno tegen. Hij wacht op Arjen (die inmiddels al naar boven is) om te horen of het verantwoord is. Want het waait nog steeds even hard! De groep Guido c.a. heeft inmiddels besloten om niet verder te gaan. Soms moet je voor je verstand kiezen in plaats voor je emotie…en dit is zo’n moment. Ook Arno blijkt verstandig te zijn. En Arjen? Hem zien we gelukkig heeldhuids terug komen bij het chalet. We besluiten om gezamenlijk naar ons huis te fietsen. Met alleen nog maar afdaling zijn we binnen een uur weer thuis. Een ervaring rijker en met de wetenschap dat mocht het niet zo hard hebben gewaaid het gilde der malloten er een paar VINners bij zou hebben gekregen.  Jongens bedankt voor de schitterende dag.

En natuurlijk wil ik ook langs deze weg  Rene bedanken voor zijn inzet en kookkunst. Hartstikke goed! En verder mag niet onvermeld blijven dat zonder de inzet van Jan en zijn enthousiasme en gedrevenheid deze missie helemaal niet van de grond was gekomen. Jan, mijn dank en waardering daarvoor. En dat meen ik oprecht!

rom


By on 11:14